Mandy: ‘Ik zat drieënhalf jaar in de cel’

Wereldwijd belanden steeds meer vrouwen en meisjes achter de tralies. Mandy Pijnenburg was één van die vrouwen. Zij zat drieënhalf jaar in de cel op de Dominicaanse Republiek. De douane vond bijna 23 kilo cocaïne in haar koffer.

“Ongelooflijk dat ik in de handen van een loverboy terecht kon komen? Ja, dat hoor ik vaak, dat ik daar geen type voor lijk. En het klopt ook: nú ben ik dat type niet meer. Nu stel ik grenzen, ben ik voor niemand meer bang. Maar destijds, op mijn zeventiende, was dat anders. Ik was onzeker, beschadigd, had bar weinig zelfvertrouwen. Als je dan de verkeerde tegenkomt, zit je zo in de problemen. Kijk maar naar mij. Voordat ik het wist zat ik op een vlucht naar de Dominicaanse Republiek en daarna drieënhalf jaar in een cel”, vertelt Mandy in de VROUW glossy.

Gesmeekt om een boete

Mandy was nét zeventien toen ze in de handen viel van een Surinaamse loverboy. Wat begon met cadeaus en complimenten eindigde in eindeloze mishandelingen, misbruik en bedreigingen. “Op een gegeven moment kwam er een man langs die me misbruikte en mijn geld stal. Mijn ‘vriend’ was razend. Ik had hem belazerd en moest boeten. Ik kon kiezen: een stuk van mijn oor eraf, mijn pink gebroken, een brandmerk in mijn nek of 10.000 euro boete. Ik heb gesmeekt om die geldboete.

Maar ja, dat moest ik bij elkaar verdienen. Ik moest van hem de prostitutie in. Toen ik 5000 euro had afgelost van mijn ‘schuld’ werd ik op 3 juli 2007 door mijn loverboy opgehaald. Ik moest een koffer pakken en mijn paspoort meenemen. Ik was zo bang. Ik had geen idee wat de bedoeling was en waar ik naartoe ging. We kwamen aan op het vliegveld van Brussel, waar ik een ticket kreeg naar het toeristenplaatsje Puerto Plata op de Dominicaanse Republiek.”

Na twee weken op de Dominicaanse Republiek én geen idee wat haar te wachten stond kreeg Mandy een ticket in haar handen gedrukt. “Ik checkte in op het vliegveld. Een half uur voordat de vlucht zou vertrekken werd mijn naam omgeroepen. Ik moest me bij een balie melden. En ja, daar stond de koffer. Ze maakten hem open. Inhoud: 22,7 kilo coke en twee dekens. Op dat moment stortte ik in. Ik kon alleen nog maar huilen en zeggen dat het mijn koffer niet was.”

Slapen tussen de junks

Mandy werd verhoord en niet snel daarna kwam ze terecht in een cel van twee bij twee meter. “Een vies hok waar al vijf andere vrouwen zaten. Ik deed geen oog dicht, kon alleen maar huilen, huilen, huilen.’s Nachts liepen de kakkerlakken en de spinnen over me heen. Ik zat tussen moordenaars en crackjunks.

Het was er corrupt. Overal moest ik voor betalen: extra eten, drinken, een deken, alles. Maar ik had niets. Ook geen kleren, alleen drie jurkjes en een broek uit mijn handbagage. De eerste weken at ik niets. Ik zat op slot, kon niet naar de wc. Ik zat zo verstopt dat ik zo nu en dan werd opgenomen in het ziekenhuis vanwege de pijn. Dan kreeg ik een infuus met pijnstillers.”

Leven in de gevangenis

Uiteindelijk werd Mandy veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaar. Ze werd overgeplaatst naar een andere gevangenis. “Het was er schoner en minder corrupt. Ik kreeg een leven. Ging sporten. En deed cursussen broodbakken en kaas maken. Ik leerde Spaans en met een aantal vrouwen vormden we een dansgroepje. Ik kreeg vriendinnen. Meer vriendinnen dan ik daarvoor ooit heb gehad. Maar het beste was, dat ik niet bang meer was. Voor niemand. Ik dacht: ik ben er klaar mee, ik wil dat nooit meer.”

Inmiddels is Mandy alweer drie jaar op vrije voeten, woont ze in Nederland en geeft ze voorlichtingen op scholen. “Ik denk weleens: als ik nou wél met die koffer was thuisgekomen, wat dan? Hoe was ik er dan aan toe geweest? Dan had ik misschien nog steeds in dat loverboy-circuit gezeten. Misschien mag ik van geluk spreken. Als ik nu kijk wat ik allemaal mag doen. Ik heb er duur voor betaald. Heel duur. Maar het was het leergeld waard.”

Bron

Posted in Algemeen, Intervieuw, Loverboys, Nieuws